Centrum Management Terneuzen

Alles over het centrum van Terneuzen

De Vliegende Hollander

Symbool van een maritiem verleden
Wie Terneuzen bezoekt, krijgt gegarandeerd te maken met De Vliegende Hollander. Let maar eens op: tussen Herengracht en Rosegracht prijkt een sculptuur van dit mysterieuze spookschip, diverse verenigingen ontlenen er hun naam aan, in de binnenstad is een wandeling naar het schip vernoemd, in de winkels liggen diverse souvenirs (onder meer een beeldje) en café De Vriendschap schenkt zelfs een speciaalbier dat naar De Vliegende Hollander is vernoemd.

Terneuzen koestert zijn maritieme verleden en daar behoort zeker De Vliegende Hollander toe, het symbool van de havenstad. Wie heeft er niet gehoord van dit spookschip en zijn kapitein Willem van der Decken, volgens de overlevering geboren en getogen in Terneuzen. Dankzij de componist Wagner geniet The Flying Dutchman als opera wereldwijde bekendheid; maar ook in de literatuur kent de sage van De Vliegende Hollander vele bewerkingen.

Dat Terneuzen en De Vliegende Hollander aan elkaar zijn gekoppeld, is te danken aan de auteur en zee-officier Frederich Marryat (1792-1848). In zijn boek The Phantom Ship (1837) voert hij Terneuzen op als geboorte- en woonplaats van kapitein Willem van der Decken. En vooral: als haven van waaruit De Vliegende Hollander op paasmorgen van 1676 ondanks zware storm uitvaart naar Oost-Indië. Bij Kaap De Goede Hoop komt het schip andermaal in zwaar terecht.

Van der Decken weerstaat zijn bemanning om in veilige haven binnen te lopen. ‘Ik zal vaeren, al is het tot in de eeuwigheid’, zegt de kapitein. De duivel straft zijn vermetelheid direct af: ‘Dan zult Gij vaeren tot in de eeuwigheid’. Sindsdien bevaart De Vliegende Hollander de wereldzeeën, met Van der Decken eenzaam aan het roer. Wee hen, die het schip tegenkomen.

Een spannend verhaal! Maar pas in 1984 -bij de viering van 450 jaar stadsrechten- bedenkt Terneuzen dat de band met De Vliegende Hollander toch wel heel bijzonder is. Bij die gelegenheid komen slimme marketeers met de slogan Terneuzen, stad van De Vliegende Hollander. Sindsdien koestert Terneuzen kapitein Willem van der Decken en zijn spookschip als een kleinood, of beter gezegd: als promotie van de stad. En dus is kapitein Van der Decken in zijn 17e-eeuwse kledij opvallend aanwezig bij vele officiële gelegenheden en festiviteiten in Terneuzen. Brussel heeft Manneken Pis, Amsterdam zijn Lieverdje, Rotterdam de Dokwerker, Terneuzen afficheert zich met De Vliegende Hollander.

Sculptuur Herengracht
In het winkelhart komt de bezoeker De Vliegende Hollander meermaals tegen. Natuurlijk de sculptuur van P. Griep aan de Herengracht, maar ook zijn huis aan de Havenstraat (nu Grieks restaurant), waar hij met vrouw Catherina en zoon Christiaan heeft gewoond. Even verder, in de Noordstraat, staat volgens de overlevering zijn geboortehuis (nummer 68). Ook daar doen spannende verhalen de ronde, over spoken op zolder en in de kelder. Oud-bewoners hebben die verhalen ook bevestigd en spreken over een hels lawaai in nachtelijke uren….

In de moderne wereld gebruikt Terneuzen De Vliegende Hollander nu als promotiemiddel. Bij de onthulling van het monument in 1972 dichtte dr. Tjaard de Haan het lied van De Vliegende Hollander. Marie Cecile Moerdijk, afkomstig uit Zuiddorpe dat sinds de herindeling van 2003 ook tot Terneuzen behoort, heeft het lied op plaat gezet.
Geheel terzijde: naast de sage van De Vliegende Hollander heeft Terneuzen in de zeventiende eeuw twee ‘echte’ kaperkapiteins voortgebracht: Ghyslain du Plessis en Nicolaas Jarry.
Helaas voor hen, zijn zij vergeten.